2.2.5.3.3. Kan het niet naleven van een GPMI aanleiding geven tot een sanctie?

Bij niet-naleving van het GPMI moet het OCMW de begunstigde eerst via een ingebrekestelling schriftelijk informeren over het risico op een sanctie en over het recht om gehoord te worden vóór er een definitieve beslissing wordt genomen (zie rubriek «Beroep»-5.1. Waarom vragen om gehoord te worden?).

Een sanctie is niet verplicht. Het OCMW kan ervoor kiezen om geen sanctie op te leggen. Indien het toch een sanctie oplegt, bestaat deze uit een schorsing van de uitbetaling van het leefloon (en niet uit een intrekking van het recht op maatschappelijke integratie) voor een periode van maximaal één maand, of maximaal drie maanden bij herhaling binnen hetzelfde jaar.

De schorsing van de uitbetaling betekent niet dat het recht op maatschappelijke integratie wordt ingetrokken. De betrokkene behoudt dus in principe de rechten die verbonden zijn aan het statuut van begunstigde van maatschappelijke integratie. Zo kan hij of zij bijvoorbeeld nog steeds aanspraak maken op uitzonderlijke financiële steun of op voedselhulp.

Deze sanctie kan bovendien, zonder dat dit verplicht is, worden verdergezet door een ander OCMW dat later bevoegd wordt, bijvoorbeeld wanneer de betrokkene verhuist naar een andere gemeente.

Ten slotte kunnen zowel de sanctie zelf als een eventuele niet-naleving van de wettelijke procedure worden aangevochten voor de bevoegde arbeidsrechtbank (zie rubriek « Beroep » – 6.1. Hoe kan een beroep worden ingesteld tegen een beslissing van het OCMW?).

Printen

Deze site maakt gebruik van cookies om u de beste ervaring op onze site te garanderen.