De aanvraag voor maatschappelijke hulp moet worden ingediend bij een OCMW (Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn).
Het OCMW is een openbare dienst die in 1976 werd opgericht en op gemeentelijk niveau is georganiseerd (de lijst van alle OCMW’s en hun contactgegevens vindt u hier). Het heeft als opdracht maatschappelijke dienstverlening te verlenen aan iedereen die niet of niet langer in staat is een leven te leiden dat beantwoordt aan de menselijke waardigheid en daardoor niet meer in staat is om te voorzien in huisvesting, voeding, kleding en/of gezondheidszorg. Deze maatschappelijke dienstverlening bestaat uit twee onderdelen:
- het recht op maatschappelijke integratie, waaronder het recht op een leefloon en de tewerkstelling via de regeling van artikel 60 (zie rubriek «Maatschappelijke hulp en OCMW» – 2. Wat is het recht op maatschappelijke integratie? en 2.2.5.4. Wat is een tewerkstelling via artikel 60?);
- het recht op maatschappelijke dienstverlening in enge zin (zie rubriek «Maatschappelijke hulp en OCMW» – 3. Wat is het recht op maatschappelijke dienstverlening in enge zin?). Dit recht omvat een brede waaier aan verschillende vormen van hulp.
Daarnaast heeft het OCMW ook de opdracht om begunstigden te informeren over de stappen die zij kunnen ondernemen om eventuele andere rechten te laten gelden, en hen daarbij te begeleiden.
Hoewel in principe bijna alles kan worden aangevraagd, betekent dit niet dat ook alles wordt toegekend. Integendeel, een aanvraag voor maatschappelijke hulp is vaak complex en vereist doorgaans tal van documenten. Bovendien kan de procedure belastend zijn, aangezien zij een aanzienlijke inkijk in het privéleven met zich meebrengt.
Ter informatie
Voor elke aanvraag of elk geschil met het OCMW bieden verschillende organisaties maatschappelijke en juridische ondersteuning aan. In geval van een geschil is het ook mogelijk om zich te laten bijstaan door een advocaat die juridische tweedelijnsbijstand verleent, via het Bureau voor Juridische Bijstand (zie de rubrieken «Juridische bijstand» en «Links»).