In het kader van zijn sociaal onderzoek, of telkens wanneer het OCMW dit noodzakelijk acht (en minstens eenmaal per jaar), plant de maatschappelijk werker een huisbezoek.
Het verplichte karakter van het huisbezoek hangt af van het type aanvraag dat wordt ingediend:
- In het kader van een aanvraag tot het bekomen van een leefloon (LL) is het OCMW in principe verplicht een sociaal onderzoek uit te voeren, dat een huisbezoek omvat;
- In het kader van een aanvraag om maatschappelijke dienstverlening in de strikte zin, kan het OCMW een sociaal onderzoek uitvoeren dat een huisbezoek omvat.
Het huisbezoek heeft tot doel na te gaan of aan de voorwaarden voor de toekenning van een leefloon of maatschappelijke dienstverlening is voldaan. Het kan ook worden gebruikt om een sociaal onderzoek aan te vullen en objectieve en concrete elementen te verzamelen die kunnen aantonen of andere vormen van hulp eveneens aangewezen zouden zijn.
Het huisbezoek kan op twee manieren plaatsvinden:
- op een vooraf vastgelegde datum die aan de betrokkene wordt meegedeeld;
- of onaangekondigd. Deze praktijk, die niet verplicht maar wel mogelijk is, bemoeilijkt bovendien vaak het welslagen van het onderzoek of leidt bij afwezigheid tot langere behandelingstermijnen.
Hoewel de maatschappelijk werker niet het recht heeft om de woning met geweld te betreden, wordt van de begunstigde verwacht dat hij of zij positief reageert op het verzoek tot een huisbezoek. Bij weigering kan dit worden beschouwd als een gebrek aan medewerking, waardoor het OCMW niet kan nagaan of aan de voorwaarden voor de toekenning van een leefloon of andere hulp is voldaan. Dit kan bijgevolg een weigering van de aanvraag rechtvaardigen.
Bij afwezigheid op het moment van het huisbezoek:
- indien het bezoek onaangekondigd was, kan dit niet worden beschouwd als een gebrek aan medewerking ten aanzien van het OCMW;
- indien het bezoek gepland was, zal het daarentegen moeilijker zijn om zich, zonder een andere geldige reden, te beroepen op het recht op vrijheid van verkeer. Hieruit volgt echter niet automatisch dat er sprake is van een gebrek aan medewerking. Herhaalde afwezigheden, zonder rechtvaardiging en/of zonder snel opnieuw contact op te nemen met het OCMW, kunnen daarentegen in het nadeel van de begunstigde worden beoordeeld.